Schrijfopdracht #257 (2)

Schrijven Online

Geplaatst 1 augustus 2019

Gepubliceerd in Schrijven Magazine oktober 2019

The Holiday (deel 2)

De deurbel gaat. Dat moet Iris zijn. Ze komt me halen voor het gala dat ter ere van mij wordt georganiseerd. Voor mij hoeft het allemaal niet. Wie kent mij tegenwoordig nog? De filmindustrie is zo enorm veranderd. Ik kan het allemaal niet meer bijbenen. Maar Iris, ach die lieve Iris, heeft me om weten te praten. Ik wilde niet als een oude krakkemikkige man op het podium verschijnen. Toen ik dat als argument gaf om niet naar die avond te hoeven gaan, heeft Iris daar snel korte metten mee gemaakt.

‘Ik ga met je oefenen tot je zelfstandig die trap op kunt,’

Nou en oefenen hebben we gedaan. Dagelijks moest ik van haar in het zwembad van de ene kant naar de andere kant lopen en als ik in de kamer stiekem de rollator wilde pakken, duwde ze die met een ondeugende lach voor me uit zodat ik wel zonder moest lopen.

En zie haar hier nu staan. Ze ziet er zo mooi uit in haar zwarte jurk. Och, was ik maar veertig jaar jonger.

‘Misschien vind je het een beetje truttig,’ zeg ik voorzichtig, ‘maar ik heb deze corsage voor je gekocht. Dat is wat we vroeger altijd deden als we met een mooie vrouw op stap gingen.’ Onzeker laat ik de corsage zien. Had ik toch niet beter iets anders voor haar moeten kopen?

‘Arthur, wat mooi! Hij past mooi bij mijn jurk. En weet je wat….,’ zegt ze met een knipoog, ‘ik houd wel van truttig.’

Spontaan krijg ik een dikke kus op mijn wang en ik sta zowaar te blozen.

 

Bij de zaal worden we door twee jonge knullen verwelkomd. Mijn hart zit in mijn keel. Ik pak Iris stevig in de arm en ze knijpt bemoedigend in mijn hand. Vol vertrouwen kijkt ze me aan en haar ogen zeggen: je kunt het!!

De deuren gaan open en een stem roept om: ‘Dames en heren…..Arthur Abbott!’

Een volle zaal begint enthousiast te applaudisseren. Ik kan mijn ogen niet geloven. Zoveel mensen die gekomen zijn om mij te eren. Links en rechts zie ik bekenden van vroeger en oh kijk, mijn vrienden zitten er ook. Ze gaan zelfs voor me staan. Wat een eer! En wat ben ik blij met Iris aan mijn zij. Ze loopt met me mee tot aan het podium.

Ik zie een zestal trappen, bekleed met een luxe rode loper. Een man reikt me de hand om me de trappen op te helpen. In de zaal klinkt plots een mooie filmmelodie en ik wijs resoluut de hulp van de man af. Dit ga ik zelf doen.

Ik verzamel moed en loop zowaar de trappen zelfstandig op. Een beetje buiten adem kom ik bij de microfoon.

‘Onvoorstelbaar,’ zeg ik tegen het publiek. Dan wijs ik naar de trap. ‘Dat ik die nog zelf heb kunnen beklimmen.’

De opdracht: beschrijf een scène uit een film.

Reageren

  • Wix Facebook page
  • LinkedIn Social Icon