Schrijfopdracht #293

Schrijven Online

Geplaatst 7 april 2020

Wandeling door het park

Lieve ome Joop,

Wat lees ik nou in je brief? Je mag nog niet naar buiten? Och, wat vervelend. Net nu het zo’n mooi weer is. Weet je wat, ik neem je mee op een virtuele wandeling. Kom op, daar gaan we. Je hebt geen jas nodig.

We lopen naar het park waar de blaadjes in de bomen beginnen te komen. Het groen van de jonge blaadjes is in deze tijd van het jaar zo helder, zo “vers”, als je begrijpt wat ik bedoel. In de struiken kunnen we de knoppen al zien zitten en ook hier van die mooie groene blaadjes. Heerlijk, dat vooruitzicht van al het kleurige dat ons nog te wachten staat.


En wat ruikt het lekker buiten, naar lente. Hoe leg ik dat uit? Het ruikt naar … beloften. Ja, naar beloften, voor betere tijden.

In het park gaan we even op een bankje zitten en we laten ons door de zon verwarmen. De zonnestralen zijn nu nog aangenaam, zeker met het nog ietwat frisse windje, maar ook gevaarlijk. Hier, smeer je gezicht maar even in anders heb je straks een rode neus. Ik snuif de geur van zonnebrandcrème op, het geeft me altijd een vakantiegevoel.


Ik voel hoe de cellen in mijn lijf zich opladen; ik krijg weer energie. Dat geldt niet alleen voor mij. De vogeltjes vliegen af en aan met takjes en mos. Ze kwetteren er lustig op los. Als je goed luistert kun je een heel gesprek volgen. Waar zouden ze het over hebben?
Op het gras huppen een paar merels, op zoek naar een vette pier of een andere lekkernij.

Je ziet de mensen genieten. Een enkeling durft het zelfs al aan om een korte broek aan te trekken. Als een zonnebloem draaien we ons gezicht naar de zon, alsof we de stralen willen opslurpen. De donkere dagen van de winter hebben onze cellen leeg getrokken en we kunnen ze nu weer opladen. Ik word er vrolijk van.

We lopen door naar het water. De waterhoentjes zijn druk met eten zoeken. Met regelmaat zie ik ze onderduiken om vervolgens met een snavel vol groen boven te komen. Zelfs het water lijkt er plezier in te hebben. De wind laat kleine golfjes dansen. Ik ontwaar een nestje tussen het gras langs de kant. Binnenkort zijn er weer jonge eendjes en waterhoentjes te bewonderen. Kom, we trekken onze schoenen even uit. Heerlijk, het gevoel van gras aan mijn voeten. We wagen ons maar niet aan het water. Dat zal nog wel te koud zijn.

Op de terugweg lopen we in de schaduw. Dan merk je dat de wind nog fris is. Ik krijg zelfs kippenvel op mijn armen. Ik knoop het vest om mijn middel los. Ik kan hem nu wel weer even aanhebben. Dadelijk in de zon trek ik hem wel weer uit.

Nou, ome Joop, onze wandeling zit er helaas weer op. Gaan we snel weer een keer?

Dikke knuffel,

Fief.

De opdracht: Laat jouw hoofdpersoon een brief schrijven waarin hij of zij de ervaringen tijdens de eerste warme lentedag van dit jaar beschrijft.

  • Wix Facebook page
  • LinkedIn Social Icon